Inbreng Nederlandse ggz terug te zien in debat
Voorafgaand aan het debat bracht de Nederlandse ggz een brief in bij de Kamer. Daarin pleitten wij ervoor om het initiatief voor gegevensdeling bij de zorgverlener te leggen, gegevens zoveel mogelijk in samenspraak met en bij voorkeur met toestemming van de betrokkene te delen en geen automatische koppeling te maken met bemoeizorg.
Deze punten kwamen nadrukkelijk terug in het debat. PVV-Kamerlid Maeijer verwees expliciet naar de brief van de Nederlandse ggz. Zij vroeg waarom niet is gekozen voor een model waarbij de zorgverlener het initiatief neemt tot gegevensdeling. Ook wilde zij weten bij wie de gegevens terechtkomen zodra deze met gemeenten worden gedeeld.
CDA-Kamerlid Tijmstra gaf aan de afweging van de Nederlandse ggz te begrijpen, maar kwam tot een andere conclusie. Volgens haar moet vooropstaan dat kwetsbare mensen de hulp krijgen die zij nodig hebben. Zij benadrukte dat gemeenten hiervoor toegang moeten hebben tot relevante informatie en dat de wet voldoende waarborgen bevat voor een zorgvuldige omgang met persoonsgegevens.
Minister Sterk sloot zich daarbij aan. Volgens haar is gegevensdeling noodzakelijk omdat gemeenten verantwoordelijk zijn voor de openbare geestelijke gezondheidszorg en zorgverleners, zoals straatartsen, niet altijd zelf alle benodigde ondersteuning kunnen organiseren. De minister stelde dat toestemming in deze situatie geen werkbare grondslag is. Daarom kiest het kabinet voor een wettelijke basis voor gegevensdeling.
Privacy, bemoeizorg en het medisch beroepsgeheim
Een belangrijk deel van het debat stond in het teken van de balans tussen passende hulp en privacybescherming. Voorstanders van het wetsvoorstel benadrukten dat betere gegevensuitwisseling nodig is om kwetsbare mensen eerder in beeld te krijgen, passende ondersteuning te bieden en escalaties te voorkomen. Daarbij verwezen verschillende partijen ook naar mensen met onbegrepen gedrag en zorgmijding.
Tegenstanders wezen juist op het belang van privacy, vertrouwen in de zorg en zeggenschap over persoonsgegevens. Zij stelden vragen over het delen van medische gegevens zonder expliciete toestemming en de gevolgen daarvan voor het medisch beroepsgeheim.
Daarbij kwamen onderwerpen aan bod als:
- toestemming en bezwaarprocedures;
- eigenaarschap van persoonsgegevens;
- mogelijke gevolgen voor zorgmijding;
- bescherming van het medisch beroepsgeheim.
Amendementen
Tijdens het debat werden verschillende amendementen ingediend. Een belangrijk deel daarvan ging over de vraag hoeveel zeggenschap burgers moeten houden over hun medische gegevens.
PVV-Kamerlid Maeijer diende vier amendementen in om expliciete toestemming als uitgangspunt te behouden bij verschillende vormen van gegevensdeling. Deze amendementen werden door de minister ontraden.
Ook een amendement van Kamerlid Claassen voor aanvullende waarborgen rond gegevensverwerking werd door de minister ontraden.
Vervolg
Tijdens het debat is aangekondigd dat de stemming over de ingediende amendementen, de motie en het wetsvoorstel gepland staat op dinsdag 9 juni 2026