Tijdens het vragenuur stelde Kamerlid Moinat van de Groep Markuszower vragen over het onderzoek van Zembla en vroeg of de minister het “dumpen van kinderen” acceptabel vindt.
De minister deelde de zorgen en erkende dat ondanks de afbouw van de gesloten jeugdzorg, van 1.700 plaatsingen in 2019 naar 655 vorig jaar, een kleine groep jongeren nog steeds tussen wal en schip valt. Ze kondigde aan dat er wordt overlegd met gemeenten en de Inspectie om betere oplossingen te vinden en goede voorbeelden zoals Levvel te benutten.
Verschillende Kamerfracties reageerden geschokt: van het benadrukken dat geen enkele jongere tussen wal en schip mag vallen tot vragen over hoe de wet kan helpen bij het organiseren van passende zorg. De minister benadrukte dat gemeenten primair verantwoordelijk zijn, maar dat het rijk actief samenwerkt om deze jongeren eindelijk de zorg te geven die ze hard nodig hebben.