Op 24 maart sprak de vaste Kamercommissie VWS in een rondetafelgesprek over de Wet integere bedrijfsvoering zorg- en jeugdhulpaanbieders (WIBZ). Namens de Brancheorganisaties Zorg (BoZ) leverden Anneke Westerlaken (voorzitter van ActiZ) en Jeroen Pepers (directeur van de Nederlandse ggz) een bijdrage. Zij onderschreven het doel van de wet – het tegengaan van zorgfraude – maar waarschuwden voor overregulering en onbedoelde neveneffecten.
Het volledige rondetafelgesprek is hier terug te kijken. Lees ook het position paper van de BoZ-partijen.
Inbreng BoZ-partijen
De BoZ-partijen gaven aan dat de meeste zorgaanbieders integer werken en dat er al bestaande regels zijn, zoals de Governancecode Zorg, die goed bestuur en toezicht borgen. Ze riepen op tot betere toepassing en handhaving van bestaande instrumenten, in plaats van het invoeren van nieuwe regels die leiden tot extra administratieve lasten. Daarbij pleitten zij voor strengere toelatingseisen aan de voorkant, zodat malafide aanbieders minder makkelijk kunnen toetreden tot de zorg.
Gelijk speelveld
Jeroen Pepers benadrukte dat het belangrijk is om onderscheid te maken tussen preventie, snelle handhaving én het toezicht tijdens de looptijd van een organisatie. Hij pleitte voor een gelijk speelveld, ook voor onderaannemers, en benadrukte het belang van capaciteit bij toezichthouders om effectief op te treden.
Uniforme wetgeving helpt gemeenten
Vanuit de VNG wees wethouder Eugène van Mierlo op het belang van uitbreiding van de WIBZ naar de Wmo en Jeugdzorg. Gemeenten ervaren in de praktijk te veel verschillen in toezicht en regels, wat effectieve handhaving in de weg staat. Uniforme wetgeving helpt volgens hem bij het creëren van een gelijk speelveld voor alle aanbieders en gemeenten.
Vervolg in het parlement
De Kamer gaat begin april verder met de schriftelijke behandeling van het wetsvoorstel. De BoZ-partijen blijven graag in gesprek over hoe we samen kunnen zorgen voor een zorgsysteem dat integer én werkbaar is.